Reportage

Maria restaureert liturgische kleden die ze 20 jaar geleden voor Ikazia maakte

‘Deze kleden opknappen geeft enorm veel voldoening’

Witte, paarse, rode en groene kleden met versieringen erop geschilderd, geborduurd en gebatikt. Kunstenares Maria Verboom maakte 20 jaar geleden met de hand liturgische kleden en stola’s voor Ikazia. Ze hebben een opknapbeurt nodig en dus ziet Maria voor het eerst in 20 jaar haar werk weer terug. ‘Ik mag gewoon weer een beetje spelen, heerlijk.’

Kunstenares Maria Verboom (78) kijkt vol spanning naar de werktafel in het atelier van haar appartement in Dordrecht. Geestelijk verzorger en dominee Lida Tamminga (63) opent een houten kist met daarop nauwelijks leesbaar de tekst ‘kapel Ikazia Ziekenhuis Rotterdam’. In de kist: liturgische kleden en stola’s die Maria 20 jaar geleden voor het liturgisch centrum van het ziekenhuis maakte.

‘Met liefde en aandacht van mijn kant ga ik ze weer beter teruggeven dan hoe ik ze heb gekregen’

Maria Verboom

Zoektocht naar Maria

Na al die jaren ziet de kunstenares haar werk weer terug. Aangetast door de tijd, maar nog steeds prachtig en puur handwerk van een echte liefhebber. Op initiatief van de Vriendenstichting gaat Maria de kleden restaureren. Daar ging wel een zoektocht naar de maakster aan vooraf. Want 20 jaar geleden signeerde Maria haar werk niet. In haar kleurrijke woonkamer, vol eigen werk, vertelt Maria samen met Lida het verhaal achter de kleden. Hoe ze meer dan 20 jaar geleden werd benaderd om aan de slag te gaan door de vroegere collega van Lida. Maria: ‘De predikant van toen, Jan Piet Vlasblom, had werk van mij op een expositie in Dordrecht gezien en was daar helemaal verliefd op. Hij wilde dat ik voor het nieuw te bouwen liturgisch centrum in Ikazia kleden en stola’s ging maken.’

Textiel is de hoofdmoot

Batikken, borduren, schilderen, sjabloneren. Maria is allround kunstenaar, maar textiel is de hoofdmoot in haar kunst. ‘Met textiel kan ik me het beste uitdrukken.’ De opdracht is om kleden en stola’s te maken in de kleuren van het kerkelijk jaar: wit, paars, rood en groen. Maria werkt vol enthousiasme aan de kleden, ze worden afgeleverd aan Ikazia en daar eindigt jarenlang het verhaal voor haar.

Zingeving en geloof

Zolang Lida in Ikazia werkt, gebruikt ze de kleden al. Sinds 2008 is ze geestelijk verzorger en dominee in Ikazia. Elke week is er een kerkdienst in de kapel van het ziekenhuis. ‘Ik ben dankbaar dat Ikazia de innerlijke kant van de patiënt belangrijk blijft vinden. In veel ziekenhuizen zijn de kerkdiensten wegbezuinigd. Mijn collega Martijn Weststrate en ik ondersteunen nog steeds veel patiënten om ze te helpen omgaan met hun ziekte of die van dierbaren. Hoe beleef je een ziekte? Hoe draag je dat? Ikazia laat zien dat de kant van zingeving en geloof voor het ziekenhuis belangrijk is.’

Uitleg van de kleuren

Lida: ‘Elke tijd van het jaar wordt gekleurd door wat je viert. De diensten worden ondersteund door liturgische kleden. Ook wel antependia genoemd. Je hebt wit waar het licht van de hemel doorheen straalt. Wit staat voor vernieuwing en bevrijding, en dat wordt gebruikt bij de grote feesten, Kerst en Pasen. Pinksteren is rood en staat voor het vuur van de Heilige Geest en van de liefde. Paars is de kleur van soberheid en rouw, van inkeer en bezinning. Die kleur gebruiken we in de adventstijd, en in de tijd voor Pasen. En groen staat voor groei, hoop en de toekomst en wordt in de zomer gebruikt. Je moet de kleuren zien als symbolen in de liturgie. Elke kleur heeft een wolk aan betekenissen die allemaal verwijzen naar de rijkdom van de traditie.’ Maria vult aan: ‘En iedereen voegt er weer een eigen gedachte en betekenis aan toe.’

Niet zomaar vervangen

Lida en haar collega Martijn denken meteen aan de kleden als ze vanuit de Vriendenstichting de vraag krijgen of ze misschien een project hebben waar geld voor nodig is. Lida: ‘De kleden, daar moeten we iets mee, ze zijn door de tijd aangetast. Ze hangen altijd in de zon; sommigen zijn zelfs gewassen in de machine, wat niet de bedoeling is. We dachten: ‘Dit kan beter, maar we willen ze niet zomaar vervangen. Eerst kijken of we ze duurzaam kunnen hergebruiken. Er is met zoveel liefde aan gewerkt, dat ga je niet zomaar vervangen.’

Herkenning kleden

En dus moet de maker worden opgespoord. Lida: ‘We konden niet meer vinden wie de kleden voor ons had gemaakt.’ Ondertussen, in Dordrecht, denkt Maria regelmatig aan haar werk voor Ikazia, maar ziet het niet meer. ‘Ik dacht wel eens: hoe zouden ze daar hangen, zouden ze verkleurd zijn? Zouden ze ze nog gebruiken?’ Als Lida een dienst bij haar collega-dominee Idelette Otten in Dordrecht bijwoont, herkent ze de kleden in de Grote Kerk. Ze vraagt naar de herkomst bij Idelette en de rest is geschiedenis. Lida neemt contact op met Maria en vraagt of ze haar oude werken wil restaureren.

Eigen handtekening

Maria: ‘Wat een verrassing was dat. Eindelijk zag ik ze terug. Natuurlijk waren ze te herkennen als mijn werk. Net als bij schrijvers heb ik ook mijn eigen handschrift in de kunst. Lida had me wel een beetje bang gemaakt. Ik dacht dat de kleden in slechtere staat verkeerden, maar het valt me mee. Met liefde en aandacht van mijn kant ga ik ze weer beter teruggeven dan hoe ik ze heb gekregen’, lacht ze. ‘Dit geeft enorm veel voldoening om te mogen doen. Ik zeg het zo: in alle vrijheid mag ik gewoon weer een beetje spelen om het mooier te maken, heerlijk.’

In haar atelier hangen de witte kleden voor de tafel en de preekstoel inmiddels klaar om weer terug te gaan in de koffer met Lida naar Ikazia. Het borduurwerk is hersteld, de doeken zijn geperst, oneffenheidjes zijn weggepoetst en de kleuren zijn opgefrist. Vol trots draait ze een van de kleden om en verschijnt de geborduurde naam Maria: ‘Deze keer heb ik ze wel gesigneerd.’

Vond je dit artikel interessant? Delen is lief.